Adelaarsvaren

Adelaarsvaren

PTERIDIUM AQUILINUM

 

Adelaarsvaren




Naamgeving

  1. Pteridium is het verkleinwoord van Pteris (varen). Pteris is weer afgeleid van het Griekse pteron (vleugel).
  2. De naam van deze plant ontleent zich aan de figuur die de vaatbundels vertonen als de forse bladstelen aan de voet wordt doorgesneden. Hier is dan een dubbele adelaar in te herkennen. Het figuur ontstaat overigens door de ligging van de vaatbundels. Aquilinum of aquila betekent van een arend of adelaar.
  3. Anderen zeggen dat die vorm op de letters J.C., Jezus Christus lijkt.
  4. In Ierland zien ze er de G in, een O en een D, vandaar de varen van GOD.

 

Plantkenmerken

Varens zijn primitieve planten en daardoor ook merkwaardig. Ze planten zich voort via sporen en krijgen geen bloemen en brengen GEEN zaden voort. Adelaarsvaren is een varen uit de adelaarsvaren familie. Er zijn meer dan 3500 soorten varens. Het is een zeer algemene soort met een verspreiding. De soort wordt op vele plaatsen als een lastig onkruid beschouwd.

De adelaarsvaren is een forse plant die zich vooral vermeerdert door middel van een dikke, zwarte en kruipende wortelstok. Adelaarsvaren vormt diep in de grond een sterk vertakt, horizontaal stelsel van zwarte, lange en dikke wortelstokken. De uiteinden daarvan groeien schuin omhoog (harig aan de top), maar bereiken de oppervlakte niet. Aan ieder uiteinde verschijnt in de lente één blad. Adelaarsvaren kan vrij agressief groeien en grote oppervlakten in bezit nemen.

De lange bladsteel is aan de voet zwart, maar wordt naar boven toe groen en de onderkant is licht-wollig behaard. De stengels en bladeren sterven in de herfst  bovengronds af.

Het eerst opgerolde blad is wollig behaard, maar de beharing verdwijnt later grotendeels. De onderste twee zijassen zijn afzonderlijk opgerold (het lijkt op een klauw). Het eerste paar blaadjes aan iedere zijas ontrolt zich volledig, terwijl de volgende blaadjes nog helemaal ingerold zitten. Aan het begin van de zomer hebben de grote lichtgroene bladeren zich helemaal ontvouwd. De bladen zijn in omtrek driehoekig tot breed eirond, twee- tot viervoudig geveerd en worden tot meer dan twee meter lang. De onderste bladparen hebben horizontale, geveerde deelblaadjes. Deze zijn meestal smal driehoekig, gaafrandig tot gelobd en stomp of iets puntig. Het bovenste deel van het blad buigt opzij. Naar boven toe zijn er steeds minder samengestelde blaadjes. De bladrand is enigszins omgerold.

In het najaar sterven de bladeren snel af tot een bruinige mat van slecht verterende resten. Dit geeft in de winter een wat troosteloze aanblik. Vooral bij wat oudere bestanden kun je een dichte mat van dit zogenoemde varenstro vinden. Deze is dan zo dik en dicht dat gemakkelijk te bedenken valt dat kieming van bomen of struiken een probleem kan vormen. Ook zou het stro groeiremmende stoffen bevatten. Wanneer bijvoorbeeld een eikel of beukennoot hierin al kiemt, dan nog zal het voor de kiemwortel moeilijk zijn, op tijd door de strooisellaag heen te komen, en een voldoende vochtige bodem te bereiken. Op deze manier worden bestanden van Adelaarsvaren niet snel overgenomen door bosplanten. Onder de adelaarsvaren groeit bijna niets meer. Deze bladeren voegen een voor andere planten giftig bodembestanddeel toe aan de bodem bij het afsterven. Jonge boompjes kunnen hierdoor niet ontkiemen op deze bodem. Dit gif in de bodem wordt door sommige beheerders overigens wel in twijfel getrokken of zelfs als fabel bestempeld.



Steel

De bladsteel is relatief lang.

 

Blad

De bladen van de adelaarsvaren staan alleen en zijn vertakt, dubbel geveerd, soms zelfs drievoudig geveerd.

De bladveren kunnen wel een meter hoog worden. Er zijn zelfs exemplaren bekend met bladveren van 3 m.

 

Vrucht

De vruchtbare bladeren zijn gelijk van vorm als de onvruchtbare. De lijnvormige sporendoosjes zitten onder de half omgeslagen bladranden. De sori worden aanvankelijk door twee vliezen bedekt: de bladrand en een dekvliesje. De vliezige bladrand is begroeid met haren. Vaak zijn er echter maar weinig sporen. De sporen zijn zeer kort levend (korter dan één jaar).

 

Wortel

Ondergronds zit een grote vertakte wortelstok, waaruit iedere lente opnieuw grote aantallen jonge bladeren te voorschijn komen.

 

Gebruik

Steenkoollagen werden echter gevormd door opgehoopte, gefossiliseerde varens.

Daarnaast werd de plant ook gebruikt om kledingstukken te kleuren. Schotten gebruikten ze voor hun typische rokken, in onze streken werd de wortel gebruikt om wol te kleuren. Deze kreeg dan een grijze of zwarte tint. De jonge blaadjes gaven een groene kleur af.

Door de grootte van de bladeren werd de adelaarsvaren wel gebruikt als een ondergrond voor het stalvee en om er kussens en bedden mee te vullen. Het werd boven zeegras verkozen omdat het gewas niet klontert en meer veerkracht bezat. Op graanzolders zou het de muizen weg houden.

Het werd gebruikt om fruit in te verpakken.

 

Geneeskunde

In Japan wordt er een relatie vermoedt tussen het eten van jonge adelaarstoppen door de japanners en het voorkomen van maagkanker.

 

Eetbaar

Speciaal behandelde en ingelegde, jonge spruiten worden in Korea en Japan als groente bij rijst gegeten.

Jonge scheuten werden vroeger als sla gegeten. Ze werden ook gekookt en als asperges bereid. Het eten moet echter worden ontraden, want met name de oudere bladeren zijn giftig.

Ook de wortels kunnen gegeten worden en kunnen erg lang worden bewaard, daardoor handig in tijden van langdurige schaarste. Het bestaat ongeveer 60% ui zetmeel. Maar die zetmeel dient eerst vrijgemaakt te worden door de wortel te drogen en dan te roosteren. Als dit gedaan is kun je de schil eraf halen en de rest fijn stampen. Het poeder dat hieruit ontstaat kan je aan meel toevoegen en in combinatie met suiker verwerken tot een pasta.

 

Symboliek

Genezing, divinatie (voorspellen), in het bijzonder met rune, profetische dromen, vrouwelijke vruchtbaarheid, regen oproepen bij de indianen.

 

Volksgeloof

De dwars doorgesneden wortelstok vormen de vaatbundels de letter C.

Omdat aangenomen werd dat deze letter verwijst naar Christus hebben heksen deze plant vroeger vaak gemeden. Schaapherders maakten om dezelfde reden uit de middennerf van de varen kruizen om hun kudden te beschermen tegen het kwaad.

Een ander folkloristisch element in de bouw van de varen bevindt zich in de dwars doorgesneden wortelstok. Als langdurige droogte de oogst dreigde te vernielen dan werden zulke varenbladen verbrand om wolken op te roepen en de regen tot vallen te dwingen.

 

Magie

Ondanks de onchristelijkheid van magie zijn er magische werkingen aan deze plant toegeschreven. De plant kan gebruikt worden ter genezing, profetie, vrouwelijke vruchtbaarheid en divinatiekrachten, voornamelijk aan runen gebonden. De indianen gebruikte Adelaarsvaren in hun regendans. Wellicht dat dit aangevoeld is door de indianen vanwege de waarneming van de behoefte van de varen aan regen voor de voortplanting.

Adelaarsvaren werd in vroegere tijden wel geschaard onder de Sint-Janskruiden. De Sint-Jans-dag is 24 juni en de Sint-Janskruiden bloeiden allen rond die dag. Maar rondom de Adelaarsvaren ging, net zoals rondom Mannetjesvaren en Wijfjesvaren, het verhaal te ronde dat deze planten enkel in de Sint-Jansnacht zouden bloeien en het zaad direct zouden vormen. Vele oude kruidenliteratuur geeft dit aan. Enkel in deze nacht kon ook dit toverkrachtige zaad verzameld worden.

In de heksenvervolging zijn meerdere mensen veroordeeld omdat ze schenen te weten hoe het varenzaad (wat niet eens zaad is, maar sporen) verzameld kon worden. Dit varenzaad kon de heks de bijzondere eigenschappen onzichtbaarheid, geluk en onaantastbaarheid bieden.

 

Wetenswaardigheden

Daar waar de zijassen zich van de bladsteel afsplitsen heeft de Adelaarsvaren klieren, die een zoet smakend vocht kunnen afscheiden. De nectarafscheiding treedt alleen op bij de klieren ter hoogte van die zijassen, die zich pas gestrekt hebben, terwijl de hogere delen van het blad nog ingerold zijn. Mieren komen op de nectar af. Herkauwers worden zo weerhouden van het afbijten van de jonge blad top.

 

Waarschuwing

Het eten moet echter worden ontraden, want met name de oudere bladeren zijn zeer giftig.

Er wordt sterk vermoedt dat er een directe relatie bestaat tussen darm- en blaastumoren bij dieren en het eten van de Adelaarsvaren.

Ook het drinken van  koeienmelk van een koe die de plant heeft gegeten kan al gevaarlijk zijn. Er zijn zelfs onderzoekers die een verband hebben waargenomen tussen maagkanker en de mate waarin mensen in hun jeugd in aanraking met de Adelaarsvaren zijn geweest. En hier kwam geen enkele maaltijd met Adelaarsvaren aan te pas! De kankerverwekkende stoffen zouden via de sporen zijn opgenomen in het lichaam

De plant veroorzaakt bij paarden en varkens zenuwverschijnselen.

 

Op facebook hebben we een pagina waarop wij oude foto's van Ooij, Old-Sènder en Holthuuze plaatsen. Je kunt reageren op de foto's en je kunt aangeven dat je iets leuk vindt. Hieronder een overzicht wat er zoal op facebook geplaatst is. (scroll er maar doorheen)

Heb je mooie foto's en wil je die met ons delen, stuur ze dan per mail naar andre@oud-zevenaar.nl



Copyright © 2013  -  Oud-Zevenaar  -  Wepdiezainer  -


Niets van deze site mag zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteur worden gebruikt.



"Like" Oud-Zevenaar op

Facebook en/of volg ons op Twitter: