Blaassilene

BLAASSILENE

SILENE VULGARIS


Blaassilene


Naamgeving

 Er zijn drie verklaringen voor Silene:

  • Blaassilene heet zo omdat de bloem een opgeblazen indruk maakt. Silene is mogelijk vernoemd naar de bosgod Silenus, die een opgezwollen buik had. Diverse silenesoorten hebben een opgezwollen kelk. De naam is afkomstig uit de Griekse mythologie: naar de vaste metgezel en opvoeder van Dionysus, Seilenos of Silen. Dit was een satyr, een levenslustig boswezen, met een bokkenstaart en soms ook bokkenoren en -poten. De satyrs houden van alle goede dingen van het leven, en met name van de wijn. Ze zijn derhalve nogal dikbuikig. En daarin lijken de planten van het geslacht Silene op de satyrs.
  • De naam Silene is afgeleid van Sialon (Grieks) en betekent "speeksel". Dit omdat deze plant (zoals sommige soorten) een kleverige stengel.
  • Of naar Silene, de maangodin omdat ze 's avonds bijzonder mooi bloeien.

 

Plantkenmerken

De Blaassilene is goed te herkennen aan de sterk opgeblazen kalkbuis met witte kroonblaadjes. Een wat op de Avondkoekoeksbloem lijkende soort uit het geslacht Silene is de Blaassilene, uit de Anjerfamilie. De bloei verspreidt een aangename zoete geur in de natuur. Een geur gelijkend op die van Klaver Trifolium.

De Blaassilene valt op door de dikke buikvormige kelk rondom het vruchtbeginsel en de doosvrucht. De planten zijn meestal kaal en de kale kelken vallen op doordat ze 20 dunne nerven hebben die met elkaar in verbinding staan. De kleur van de kelk varieert van witachtig tot roodbruin. Het vlakke deel van de witte kroonbladen is voor meer dan de helft van dit deel, de plaat, ingesneden. Ze zijn mannelijk of vrouwelijk, soms tweeslachtig.
Ze zijn dag en nacht geopend, maar beginnen pas tegen de avond zoet te geuren. De bestuiving wordt dan ook door nachtvlinders verzorgd. Die kunnen, in tegenstelling tot kleinere insecten, met hun lange roltong de honing onder in de bloem bereiken. Hommels knagen de kelk van buiten af open en kunnen zo ook bij de honing. Bestuiving blijft dan uiteraard uit.

 

Bloem

Tweeslachtig, soms eenslachtig. De bloemen vormen een pluimachtige bloeiwijze. De vijf 1,6-1,8 cm lange kroonbladen zijn wit of zelden roze en zijn tot op de helft ingesneden. De slippen overlappen elkaar niet en komen niet of nauwelijks uit de kelk. De kale kelk is eivormig, sterk opgeblazen en eerst dicht van boven. De kelk heeft twintig bleekgroene tot roodachtige, voor een deel vertakte en met elkaar verbonden nerven. De kelkslippenzijn driehoekig. De geurende bloemen kunnen een- of tweeslachtig zijn. Bij de vrouwelijke en tweeslachtige bloemen zie je op het bovenstandig vruchtbeginsel drie stijlen met een stempel.

 

Steel

De blauwgroene, rechtopstaande stengels hebben een iets houtige voet. Meestal zijn ze kaal, maar soms hebben ze een behaarde rand.

 

Blad

De tegenoverstaande, blauwgroene bladen zijn kaal, wasachtig en eirond tot vaak vrij langwerpig en lopen spits toe. De onderste bladen zijn gesteeld.

 

Vrucht

Een openspringende doosvrucht met zes rechtopstaande tanden. De zaden zijn langlevend (langer dan vijf jaar). Tweezaadlobbig

 

Gebruik

Bijen en nachtvlinders houden van deze geur en bezoeken de Blaassilene graag. In vergelijking met de bijen zijn het toch voornamelijk de nachtvlinders die op de bloem te vinden zijn en het meeste de bestuiving veroorzaken. Thunderbolt omdat kinderen de bolle bloemen laten knappen. De vrouwtjes van de Witbandsilene-uil kunt u als de avond aanbreekt rond het plantje zien dartelen. De vrouwtjes komen eitjes afzetten op de Blaassilene, want dit is wel haar waardplant.

 

Geneeskunde

Medicinaal: Aan Blaassilene wordt de eigenschap toegeschreven de melk productie van koeien te verbeteren. Vroeger werd ze toegepast als geneeskruid (een van de weinige uit de Anjerfamilie).

 

Eetbaar

Keuken: Bladeren en jonge scheuten zijn eetbaar. Vroeger werden de jonge bladeren in salades verwerkt. Ook zijn ze na vijf tot tien minuten koken geschikt voor gebruik in soep.

 

Verschil  Avondkoekoeksbloem/Blaassilene

Een opvallend verschil met de Avondkoekoeksbloem is dat de planten, zowel de stengels als de langwerpige, spits toelopende bladeren, meestal kaal zijn. Heel opvallend is dit te zien aan de kelken. Deze zijn niet alleen kaal, maar hebben nog een paar opvallende kenmerken, die uniek zijn voor de Blaassilene. Zo zijn de kelken niet groen, maar witachtig tot zelfs roodbruin van kleur. Ook is de nervatuur op de kelken opvallend: je kunt twintig fijne nerven tellen, die onderling verbonden zijn. Verder zijn de kelkslippen duidelijk driehoekig van vorm. De kroonbladen zijn wit van kleur, soms kleuren ze een beetje roze. Het vlakke gedeelte van de kroonbladen, de zogenaamde plaat, die buiten de vergroeide kelk uitsteken is tot ruim voorbij de helft van de plaat ingesneden. Toch is goed te zien dat de er vijf kroonbladen zijn.

Binnen de vrouwelijke en tweeslachtige bloemen, dit laatste is eveneens afwijkend van de tweehuizige Avondkoekoeksbloem, staan op het bovenstandig vruchtbeginsel drie stijlen met stempel, terwijl je natuurlijk bij een vijftallige bloem eerder vijf stijlen met stempel zou verwachten, zoals we dat van de Echte koekoeksbloem of de vrouwelijke Avondkoekoeksbloem kennen. Ook hierin onderscheidt de Blaassilene zich derhalve van de Avondkoekoeksbloem.

  

Waarschuwing

Overmatige consumptie is slecht voor de gezondheid vanwege de saponinen die in de plant aanwezig zijn.

 

 

Op facebook hebben we een pagina waarop wij oude foto's van Ooij, Old-Sènder en Holthuuze plaatsen. Je kunt reageren op de foto's en je kunt aangeven dat je iets leuk vindt. Hieronder een overzicht wat er zoal op facebook geplaatst is. (scroll er maar doorheen)

Heb je mooie foto's en wil je die met ons delen, stuur ze dan per mail naar andre@oud-zevenaar.nl



Copyright © 2013  -  Oud-Zevenaar  -  Wepdiezainer  -


Niets van deze site mag zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteur worden gebruikt.



"Like" Oud-Zevenaar op

Facebook en/of volg ons op Twitter: